

Pubers groeien tijdens hun groeispurt meer dan twee keer zo snel als daarvoor. Sommige kinderen worden lang, andere blijven wat kleiner. Hoe loopt een groeispurt bij jongens en bij meisjes en hebben ze extra eten en vitamines nodig?
Als kinderen in de puberteit komen, zorgen de hormonen ervoor dat ze sneller groeien. Meestal merk je eerst dat de voeten snel groeien. In het jaar daarna vliegt je kind de lengte in. Vooral bij jongens gaat de groei vaak meer dan twee keer zo snel als daarvoor. Ze zullen in die tijd niet lang met hun schoenen en kleding kunnen doen.
Die groei kost energie. Pubers hebben veel trek, kunnen moe en sloom zijn en voelen zich soms niet zo lekker.
Meisjes hebben vaak een groeispurt als ze tussen 10 en 14 jaar zijn. Ze groeien eerst vooral in de lengte. Bij de meeste meisjes is er rond hun twaalfde een groeipiek. Zodra meisjes voor het eerst ongesteld zijn geweest, groeien ze niet meer zo snel. Ze groeien dan nog gemiddeld 8 centimeter. Is de lengtegroei voorbij, dan groeien meisjes ook in andere richtingen. Ze krijgen bijvoorbeeld rondere heupen.
Jongens hebben vaak een groeispurt als ze tussen 11 en 15 jaar zijn. Omdat ze meestal eerst vooral in de lengte groeien, zien ze er soms slungelig uit. Zelf moeten ze ook wennen aan hun groeiende lijf en ze kunnen zich daarom wat onhandig gaan bewegen. Soms kan het gewicht de lengtegroei niet bijhouden en wordt je kind wat magerder. Als je zoon goed eet, hoef je je daar geen zorgen over te maken. De groeispurt duurt bij jongens tot een jaar of 16. Na de groeispurt groeien jongens nog jaren door, soms tot 24 jaar, maar dan niet meer zo hard.
Pubers groeien snel. Bepaalde voedingsstoffen zijn daarom extra belangrijk voor ze:
Deze informatie is afkomstig uit de Groeigids.