
Wil je peuter alleen bij jou zijn en reageert hij of zij angstig op andere mensen? Dit noemen we eenkennig. Vooral kinderen tussen een en twee jaar oud zijn eenkennig. Het is normaal dat je peuter zich aan je vastklampt in deze fase. Hoe kun je hier mee omgaan?
Als ouders geef je je kind structuur en aandacht. Je kind krijgt dan een band met jou, voelt zich veilig bij je en leert dat hij of zij op jou kan vertrouwen.
Je kind gaat steeds beter het verschil merken tussen de mensen die hij of zij goed kent en vertrouwt, en onbekenden.
Sommige kinderen worden angstig als ze vreemden zien, gaan huilen en kruipen weg bij mama of papa. Je kind is alleen eenkennig als jij als ouder erbij bent.
Eenkennigheid kan bij sommige kinderen heel hevig zijn en bij andere kinderen merk je bijna niets.
Eenkennigheid is niet hetzelfde als verlatingsangst. Je kind kan verlatingsangst hebben als je weggaat. Eenkennig zijn is ook iets anders dan een tijdelijke voorkeur voor een van de ouders.
Lees hoe je om kunt gaan met verlatingsangst.
Breng je peuter regelmatig in contact met andere mensen. Je kind leert dan om met andere mensen om te gaan en zich ook bij andere mensen op zijn of haar gemak te voelen.
Als je kind angstig of verdrietig is komt het meestal nog naar jou als ouder toe. En als je kind iets nieuws onderzoekt, kijkt het steeds even naar jou voor bevestiging.
Je kind leert steeds beter aangeven wat hij of zij wel wil en wat niet, wie hij of zij vertrouwt en wie niet. Het is goed dat je kind kieskeurig is, het ontwikkelt een eigen ik.
Lees hoe je peuter zich sociaal-emotioneel ontwikkelt.
Deze informatie is afkomstig uit de Groeigids.
