Het gedrag van basisschoolkinderen kan best ingewikkeld zijn en tijdens de basisschooltijd veranderen. Soms is een kind druk, boos of juist stil. Elk gedrag is een signaal dat iets duidelijk wil maken. CJG Rijnmond helpt ouders dit beter te begrijpen, zodat je weet wat je kind nodig heeft.
Basisschoolkinderen huilen omdat ze verdrietig, teleurgesteld of bang zijn. Soms gebeurt er iets op school of thuis dat veel indruk maakt. Huilen helpt kinderen om emoties los te laten en weer rustig te worden. Sommige kinderen worden juist stil of boos als ze verdriet hebben. Dat hoort ook bij deze leeftijd.
Als je kind ouder wordt, kan hij vaak beter uitleggen wat hij voelt. Daardoor huilen ze soms minder, maar ze hebben nog steeds steun nodig. Als een kind niet durft te huilen, kan dat komen doordat het denkt dat huilen “niet stoer” is. Het helpt als jij laat merken dat gevoelens tonen normaal is.
Basisschoolkinderen laten soms gedrag zien dat je als ouder lastig kunt plaatsen. Vaak is dit gedrag een signaal: je kind geeft aan dat iets te veel, te spannend of te vermoeiend is. Hieronder lees je wat veelvoorkomende vormen van bijzonder gedrag kunnen betekenen, gebaseerd op informatie van het CJG Rijnmond.
Een kind raakt overprikkeld wanneer het te veel geluid, emoties, activiteiten of veranderingen tegelijk moet verwerken. Je ziet dan vaak dat een kind:
Rust en voorspelbaarheid helpen. Een rustige plek, minder prikkels en duidelijke afspraken geven je kind weer overzicht.
Als een kind te weinig slaapt, kan het emoties minder goed aan. Oververmoeidheid herken je aan:
Vaste bedtijden, een rustige avondroutine en genoeg ontspanning helpen om oververmoeidheid te voorkomen.
Een kind kan onrustig of druk zijn door spanning, verveling, onzekerheid of omdat het moeite heeft met grenzen. Soms wil een kind graag zijn zin krijgen en probeert het dat met druk gedrag. Ook niet luisteren kan hierbij horen.
Tips die helpen:
Sommige kinderen worden onrustig omdat ze bang zijn voor nieuwe situaties, het donker, of dingen die ze niet goed begrijpen. Angst kan zich uiten in:
Door gevoelens serieus te nemen en stap voor stap te oefenen met spannende situaties, krijgt je kind meer vertrouwen.
Als kinderen ouder worden, moeten ze leren omgaan met hun emoties. Boosheid is één van de emoties die niet zo makkelijk hanteerbaar zijn. Alle kinderen uiten hun boosheid daarom wel eens door brutaal of opstandig gedrag. Bijvoorbeeld door te schreeuwen, schelden of iets respectloos of onbeschofts te zeggen als iets niet mag of lukt. Je kind moet leren dat je boosheid wel mag voelen, maar dat het niet de bedoeling is om brutaal of opstandig te worden.
Weerbaarheid hangt af van de aanleg en het karakter van je kind. Probeert je kind bijvoorbeeld makkelijk iets nieuws of maakt het makkelijk nieuwe vrienden? Kan het ruzies weer goedmaken? Je kunt je kind helpen om de weerbaarheid te vergroten. Pesten en gepest worden: hoe ga je ermee om?
Je stimuleert de zelfstandigheid van je kind, door het zelf dingen te laten doen. Koken, bijvoorbeeld, of helpen met klusjes in huis. Wat je op welke leeftijd kunt laten doen, vind je in de keukenwijzer. Meer over het stimuleren van zelfstandigheid lees hier: 5 tips om de zelfstandigheid en het zelfvertrouwen van je kind te vergroten









