Wegens een storing is het op dit moment niet mogelijk om in te loggen in Mijn CJG Rijnmond. Dit komt door een landelijke storing bij Logius (DigiD). Zodra het probleem is opgelost, laten we dit weten.
Sombere buien, weinig energie en nergens zin in? Iedereen maakt het wel eens mee. Maar wat als dat gevoel niet weggaat? Jeugdverpleegkundige Manon de Graaf vertelt wat depressieve gevoelens zijn, hoe je ze kunt herkennen en wat je eraan kunt doen.
‘Het begint vaak met vage klachten’, legt Manon uit. ‘Je bent moe, je komt moeilijk uit bed en je hebt geen motivatie voor school of werk. Dingen waar je eerst blij van werd, voel je nu niks bij. Je wilt alleen zijn, ligt veel op bed of je slaapt juist slecht. Soms pieker je veel, vooral ’s avonds.’
Veel jongeren die Manon spreekt zeggen dat ze zich ‘leeg’ voelen. ‘Ze trekken zich terug, praten minder met ouders of vrienden en voelen zich snel overprikkeld. Ze zijn dan ook veel binnen en gamen of scrollen uren achter elkaar. Soms slaat dat over naar juist te weinig prikkels en niks willen doen. Dat kan even fijn zijn, maar als je verder niet buiten komt of beweegt, gaat het vaak niet goed. Het is dan moeilijk om eruit te komen.’
Dit komt helaas steeds vaker voor. ‘Er is veel druk vanuit school en sociale media. Jongeren vergelijken zichzelf de hele dag met anderen. En niet alles wat je online ziet is echt. Dat kan je een rotgevoel geven.’
‘Wanneer je je somber voelt, is het vaak nog lastiger om ergens aan te starten. Toch helpt het om iets te doen’, zegt Manon. ‘Maak het makkelijker voor jezelf met kleine stappen. Zet bijvoorbeeld een timer voor 10 minuten, alle beetjes helpen. Als je er eenmaal mee bezig bent vind je het misschien zelfs leuk om langer door te gaan.’ Dit zijn haar tips:
Ga naar buiten: dat mag op elke manier die jezelf het fijnste vindt: een rondje fietsen, de hond uitlaten of een wandeling naar de spermarkt. Frisse lucht en daglicht helpen echt.
Blijf dingen doen die je leuk vindt: ook als het op dit moment even niet zo leuk voelt. Denk aan dingen waar je op andere moment plezier door voelt: muziek luisteren, koken of iets creatiefs doen.
Zorg voor structuur: sta op dezelfde tijd op, probeer rustig naar school te gaan, eet op vaste momenten en ga op dezelfde tijd naar bed.
Schrijf je gedachten op: doe dit voor het slapen om minder te piekeren. Bijvoorbeeld in een boekje naast je bed.
Wees lief voor jezelf: je hoeft niet alles perfect te doen. Bedenk wat je tegen iemand anders zou zeggen die zich hetzelfde voelt als jij. Probeer zo tegen jezelf te praten.
‘Je hoeft het niet alleen te doen’, zegt Manon. ‘Praat met iemand die je vertrouwt: een ouder, vriend, docent of iemand op school.’ Vind je het moeilijk om te praten? ‘Schrijf dan een brief. Je hoeft niet meteen een oplossing te hebben, maar het kan helpen wanneer anderen weten wat er speelt’, voegt Manon toe.
De huisarts of een jeugdverpleegkundige kunnen je helpen. Vind je dat een te grote stap? Dan zijn er online ook veel plekken waar je (anoniem) terechtkunt:
‘Ook als je niet zeker weet of het “erg genoeg” is, mag je om hulp vragen’, zegt Manon. ‘Je hoeft niet te wachten tot het erger wordt. Misschien voorkom je dat juist.’
Twijfel je of je depressief bent of wil je hulp? Neem dan gerust contact met ons op. Onze professionals denken graag met je mee.



